Of er toevallig iemand tweeduizend vierkante meter over had. Vorig jaar maakte Colin Benders (Kyteman) bekend dat Kytopia gesloopt zou worden. Het complex aan de Zeedijk moest wijken voor nieuwe appartementen. In een klap werd een essentieel deel van de Utrechtse muziekscene dakloos – voor even, dan. In dezelfde periode kwam Tivoli Oudegracht vrij, omdat het ging hokken met het nieuwe TivoliVredenburg. Niet alleen sloot Benders het poppodium met zes uitverkochte shows, hij werd ook de nieuwe huurder van het pand. Samen met zijn manager én vader Erik Benders begon hij in het oude Tivoli aan een nieuw hoofdstuk.

Als iemand de sleutel van Tivoli Oudegracht verdiende, was het Kyteman wel. ‘Zijn Kytopia is het muzikale hart van de stad, misschien wel van Nederland’, schreef HP/De Tijd over de broedplaats aan de Zeedijk. Het complex is muziekstudio, label, broedplaats en vrijstaat ineen. Black Sun Empire, Mike Mago, de Kijkbuiskinderen, Pitto en Simon Akkermans hebben hier hun studio. Bij het oude Kytopia aan de Zeedijk hoorde ook een appartementencomplex. Er woonden negentien mensen, waaronder Binkbeats, Bram Hakkens en Pax.

Colin en Erik Benders hebben Kytopia aan de Zeedijk samen opgezet. Hun samenwerking begon in 2009, het jaar dat Colin en zijn hiphoporkest landelijk bekend werden. Erik, kunstfilosoof, werkte toen nog bij de HKU. Hij had op verschillende plaatsen gezeten, doceerde Filosofie en Dramaturgie, begeleidde theatergroepen en kwam uiteindelijk bij Beeldende Kunst en Vormgeving terecht. Tot hij een conflict kreeg met de Raad van Bestuur. ‘Heel toevallig eigenlijk”, zegt Erik. ‘Toen ik daar stopte, kon ik zo ongeveer direct achter in de tourbus van het orkest gaan zitten. Ik heb een jaar meegereden, met de gedachte: eens zien wat hier allemaal gebeurt.’

Tijdens de lange uren in de bus sloegen vader, zoon en producent Gijs Kerbosch (100% Halal) aan het fantaseren. ‘We bedachten dat er een plek als Kytopia nodig zou zijn, in ieder geval voor ons. Colin is op zichzelf, die heeft zo’n grot nodig. Een plek waar hij mensen uit kan nodigen.’

Erik zette al hun ideeën (‘Werkplaatsen, studio’s, Hotel Zeedijk’) op papier. Met dat papier in zijn achterhoofd stapte hij vervolgens op de fiets. Alleen. Rondjes rijden in Utrecht. In het voormalige bedrijfspand van houthandel Jongeneel – een werkplaats en een verzameling kantoren – vond hij uiteindelijk wat hij zocht. ‘Toen we erin kwamen zag het er nog heel anders uit, hoor. Je moet wel ergens doorheen kunnen kijken. Het pand was opgedeeld in verschillende ruimtes, die allemaal totaal niet geschikt waren voor een muziekstudio. Maar wat deze plek wél had, was de mogelijkheid om verschillende groepen bij elkaar te krijgen. Op een schaalgrootte die nog niet bestond.’

‘Colin heeft een grot als Kytopia nodig. Een plek waar hij mensen uit kan nodigen’

Het idee? Door veel verschillende artiesten naar één plek te halen, genereer je vanzelf een dynamiek die niet achter een tekentafel bedacht kan worden. ‘De artiesten en organisaties die hier zitten delen dezelfde affiniteit. Het is niet verplicht om samen te werken, maar iedereen moet wel een soort openheid en interesse naar elkaar hebben. Uiteindelijk moet het geheel groter zijn dan de som der delen.’

Het studiocomplex biedt haar inwoners de gelegenheid om in alle rust hun ding te kunnen doen. Erik fungeert als poortwachter; hij moet de buitenwereld op een afstand houden. ‘Het grappige is, in onze samenwerking vertegenwoordig ik eigenlijk de muziekindustrie. Ik ben het filter voordat een vraag naar Colin gaat. De enige ruzie die Colin en ik ooit écht hebben gehad, ging over de releasedatum van The Kyteman Orchestra. Er waren toen net iets te veel mechanismen van buitenaf die dat voor ons wilden bepalen. Ik heb moeten leren daar niet in mee te gaan.’

Hier gaat het niet om geld. Kytopia moet vooral een speeltuin zijn. Ze moet haar inwoners prikkelen. In het oude Kytopia was een loods, door Colin liefdevol Pianopark Slagharen genoemd, die tot de nok toe stond met ‘flauwekuldingen’. Bijzondere instrumenten, dan al niet vintage, die iedereen naar believen tevoorschijn mocht trekken. ‘Alsof je aan het apenkooien bent’, lacht Erik. ‘Je kunt eindeloos combineren en uitproberen.’

Het oude Kytopia bood ook plaats aan de gigantische draak Hendrik, die een kunstenaar maakte van tientallen gifgroene ballonnen. Het complex had een eigen 3D-printer. ‘Colin en Pax gebruikten ‘m vooral om bustes van zichzelf te printen. Een idee van stagiair Max. Volkomen onzin natuurlijk’, zegt Erik. ‘Maar die onzin zorgt voor een klimaat waarin het kan stromen. Waar uiteindelijk goede muziek – of goede ballondraken – gemaakt kunnen worden. Dat maakt dat ik me ermee kan verzoenen. Anders zou ik het al snel zat worden.’

Nee, hij is niet in dienst bij Colin. Kytopia is hun gezamenlijke project en binnen die samenwerking hebben ze allebei hun eigen taken. ‘Ik ga niet op een podium staan en Colin gaat niet bellen met leveranciers. In sommige opzichten ben ik Colins manager, in sommige opzichten hij de mijne. Soms houd ik een functioneringsgesprek met hem, soms hij met mij. ‘Manager’ is uiteindelijk maar een etiket. Wij knutselen samen aan de knikkerbaan.’

Hoe ligt daarin de verhouding? ‘Kijk, Colin heeft drie goede ideeën per dag, die allemaal van het kaliber Kytopia zijn. Met de praktische details houdt hij zich totaal niet bezig. Het is mijn taak om het in banen te leiden. Colin roept wat. Soms word ik daar enthousiast van, soms ook niet. Soms negeer ik het, soms verzet ik me er actief tegen.’

Het is geen toeval dat het oude Kytopia is voltooid toen Benders junior in India op vakantie was. ‘Typisch Colin’, knikt Erik. ‘Af en toe zeiden we tegen hem: ‘Het is écht zaak dat je even wat komt doen, al is het maar één ochtendje. Anders trekken die andere mensen het niet meer.’ Dan kwam hij ook wel braaf. Maar hij heeft niet aan het plafond gehangen om dingen vast te schroeven.’

‘Colin heeft drie goede ideeën per dag, allemaal van het kaliber Kytopia. Met de praktische details houdt hij zich totaal niet bezig’

Het is geen boze opzet, het is hoe Colin is. ‘Het is nogal lastig om hem ergens op te laten focussen. Hij is een grote verdwijnkunstenaar, constant. Waar is-ie met zijn hoofd? Waar is hij überhaupt? Zou hij op tijd komen, als hij al komt? De meeste mensen met wie Colin iets moet plannen bellen me huilend op: ‘We hebben toch afgesproken, hoe kan dit nou?’ Tja. Zo werkt dat niet bij hem.’

Iedere andere manager was allang gillend weggelopen en ja, soms zou hij Colin het liefst achter het behang willen plakken. Maar die ‘onhandige’ kanten versterken tegelijkertijd de kanten die iedereen wel mooi vindt. Erik: ‘Colin heeft een ongelooflijke muzikaliteit. Hij kan heel veel tegelijk horen. Hij hoort zelfs de dingen die níét gespeeld worden. Hij is all over the place. Sociaal vreselijk onhandig, maar muzikaal ontzettend fijn. Moet ik dan het sociale gaan dresseren? Dan ben ik bang dat ik het muzikale ook dresseer.’

Tijdens Colins basisschooltijd (‘Een dráma’, volgens moeder Holly Haylock) werd de diagnose ADHD gesteld. ‘Ik heb zijn gedrag nooit gezien als een stoornis’, zegt Erik. ‘Andere mensen vonden blijkbaar dat er een etiket op moest worden geplakt. Ik heb thuis een certificaat dat zegt dat Colin aan de linkerhelft van zijn lichaam totaal verlamd is. (Colin dirigeert met zijn linkerhand, red.) Dat je denkt: dat zal best door een knappe dokter gezien zijn, maar ik zie die helft toch echt bewegen!’

Had iemand anders kunnen doen wat hij doet? Er valt een lange stilte. Aarzelend: ‘Nou… het managen van Colin bestaat voor een groot deel uit niks managen. Daar zit de paradox. Wat er dan gebeurt, is dat je een manager inhuurt en vervolgens tegen die persoon zegt dat-ie eigenlijk niks mag doen. In die zin ligt het niet voor de hand dat iemand anders het zou doen.’

‘De meeste Kytopianen lopen op een bestaansminimum. De fascinatie voor de muziek is groter dan het verlangen naar een flink salaris’

Naast Colins manager is Erik ook zakelijk leider van Kytopia. Praktisch gezien: degene die ervoor zorgt dat de rekeningen worden betaald. ‘Als je je daar als muzikant de hele tijd mee bezig moet gaan houden kom je niet aan muziek maken toe. Op de kunstvakopleidingen vinden ze dat het allemaal in één rol moet zitten, maar ik geloof niet dat dat werkt.’

Het is ontzettend lastig om Kytopia economisch rendabel te krijgen. Mensen zijn niet meer gewend om voor muziek te betalen, ziet Erik. ‘Vergelijk het met een bakker die brood blijft bakken, terwijl zijn hele broodvoorraad steeds bij de achterdeur weg wordt gehaald. Hij verkoopt één brood in de winkel en geeft er vijftig weg. En dat dat dan normaal is.’ De meeste Kytopianen lopen op een bestaansminimum. Vrijwillig, dat wel. ‘De fascinatie voor de muziek en voor wat mensen met elkaar teweeg kunnen brengen is groter dan het verlangen naar een flink salaris.’

De functie van zakelijk leider is deels ceremonieel. Erik vadert over de groep. De inwoners weten: als hij zegt dat het goed zit, dan zit het ook goed en hoeven zij zich verder niet druk te maken. ‘Ik ben degene die de plannen maakt. Met sommige dingen ben ik al een jaar verder. Met de huisvesting destijds niet, dat nieuws kwam totaal onverwacht. Het was even zwaar klote, maar we hebben niet in een hoekje zitten huilen – al suggereerden de media van wel. We wisten van meet af aan dat Kytopia aan de Zeedijk er niet voor eeuwig zou zijn.’

Het had niet veel gescheeld of Kytopia was Utrecht ontglipt. Toen bekend werd dat de broedplaats moest vertrekken, kwamen er mailtjes uit Rotterdam, Amersfoort en Meppel. ‘Ik werd zelfs getipt over een dórp dat in zijn geheel te koop stond’, lacht Erik. ‘Het lag in de buurt van Staphorst. Let wel, dat dorp bestond uit vier boerderijen. Op de dag dat ik erachter kwam, hadden ze er net één verkocht. Toen had ik geen interesse meer.’

De stad heeft een van zijn muzikale kroonjuwelen weten te behouden. Colin en Erik kunnen Tivoli in ieder geval tot 2016 huren. Zou de Utrechtse muziekscene op dit punt eigenlijk nog wel zonder kunnen? ‘Kytopia is een reactie op het feit dat Utrechtse muzikanten elkaar al aan het opzoeken wáren’, werpt Erik tegen. ‘Het enige wat wij hebben gedaan, is daar een plek bij zoeken. Kytopia is een klankkast. En een klankkast klinkt alleen als er resonantie is.’

Dit interview is verschenen in [on]zichtbaar in Utrecht, het fotoboek tere ere van het 10-jarig bestaan van 3voor12/Utrecht. Foto: Harold van de Kamp | Kade 104)

Advertisements